Grafmonument

Ambachtsheer Hieronymus van Tuyll van Serooskerken
Slot van Stavenisse 1

Als er iemand is geweest, die veel betekend heeft voor het dorp Stavenisse, kunnen we toch zeker Hieronymus van Tuyll van Serooskerken noemen.
In de 26 jaar dat hij Ambachtsheer was, heeft hij veel tot stand gebracht. Zeer geliefd bij de inwoners, voelde hij zich thuis op het dorp.
Hieronymus werd geboren in 1614 te Middelburg en was eerst gehuwd met Anna Maria van Liere. Nadat zij overleden was, is hij gehuwd met Margaretha Huijssen, een Middelburgse jonkvrouw. Hieronymus overleed op 22 april 1669, nog maar 55 jaar oud en kinderloos. Margaretha is in 1671 gehuwd met Heer Willem Aelbert Grave Dona, die in 1673 bij de verdediging van Maastricht sneuvelde. In 1675 huwt Margaretha dan voor de derde maal met kolonel Graaf van Flodroff.
Hieronymus werd op 17 oktober 1643 door erfenis en koop eigenaar van Stavenisse. Onder zijn bestuur is er veel tot stand gekomen. Zo liet hij een polder bedijken, de Margarethapolder, en een nieuwe haven graven. In 1657 werd de meestoof gebouwd. 3 jaar later het dorps-rechthuis.
In 1653 had hij het “Slot tot Stavenisse” laten bouwen. Hij verbleef daar vaak en verrichtte er o.a. een uitgebreide studie over de wapen- en geslachtskunde van de Zeeuwse adel. Elk jaar was hij aanwezig bij het vernieuwen van de magistraat. Van dit slot zijn nog steeds een deel van de gracht en grachtmuren zichtbaar.
De bijzondere band, die Hieronymus met Stavenisse had, komt ook tot uitdrukking in zijn verlangen om in de Hervormde Kerk begraven te worden. Nadat hij op 22 april 1669, 55 jaar oud en kinderloos, overleden was, werd door zijn vrouw Margaretha aan beeldhouwer Rombout Verhulst opdracht gegeven tot het vervaardigen van een kostbare graftombe. Speciaal hiervoor werd een kapel gebouwd achter de preekstoel van het oude kerkje.

Beeldhouwer Rombout Verhulst

Rombout Verhulst was zeker niet de eerste de beste beeldhouwer. Hij werd geboren te Mechelen in 1624 en overleed in 1698. Van zijn hand is het grafmonument van Michiel de Ruijter in de Nieuwe Kerk te Amsterdam. Ook de grafmonumenten van Maarten Tromp en Jan van Galen zijn door hem vervaardigd. Ook in Aagtekerke en Brouwershaven zijn werken van hem te bezichtigen.
M. van Notten vermeld in zijn boek “R. Verhulst, een overzicht zijner werken”, dat de graftombe van Van Tuyll “een eerste plaats inneemt onder de zeer goede werken van onzen meester”. Ook andere deskundigen spreken van één van de, uit kunsthistorisch oogpunt, schoonste graftombes van ons land.

DSC00638 1

Het praalgraf en de teksten

Het gehele werk wordt gekenmerkt door volkomen rust. Geheel uitgestrekt, het hoofd door kussens ondersteund, ligt de overledene in zijn harnas, met de ontblote handen over het lichaam gekruist. De ogen gesloten en de mond half geopend, alsof hij kort tevoren de laatste ademtocht heeft uitgeblazen. Zoals hij daar ligt, ziet hij er levenskrachtig uit en lijkt te slapen. Toch ging ook hij de weg van alle vlees. Het zal voor Margaretha zeker een troost zijn geweest, dat hij niet alleen goed geleefd heeft, maar ook goed gestorven is, zoals zijn grafschrift vermeld.
Twee kinderfiguren staan achter het beeld. Het kind aan het hoofdeinde draagt de helm, het andere de handschoenen die bij het harnas horen.
Het praalgraf is versierd met verschillende motieven die de vergankelijkheid van het leven symboliseren. Zo zien we op de voorkant van de tombe verwelkte bloemen, eikebladeren en doodsbeenderen. Een bundel korenaren met sikkel symboliseert het leven wat afgesneden wordt. Aan de achterkant boven het grafschift staat een gevleugelde zandloper, symbool voor de tijd of het leven wat snel voorbij gaat. De 2 vleugels zijn echter niet hetzelfde; de linker heeft afgeronde veren van bijvoorbeeld een duif, de rechter is een vlerk als van een vleermuis. Het lijkt voor de hand te liggen dat hiermee dag en nacht bedoeld wordt. Zowel links- als rechtsboven zien we een doodshoofd en een kinderhoofd met 2 “vleugels” (engeltjes?).
Middenboven staat het wapen van de families Van Tuyll en Huijssen omringd door twee wildemannen. Aan weerszijden van het grafschift staan 16 familiewapens van de voorgeslachten van de beide families (zogenaamde kwartierwapens):

DSC00518 1
Thuyll van Serooskerke                         Heerjansdam                                   Huyssen                                       Mateness                        
Welle van Cats Schoonhofen  De Knuit Tenys 
Brienen  Suys  Dorp  Duyvenvoorde 
Van den Eynde  Nassau  Aersen  Soutelande 
Van den Werfe Turpyn Hanneman Bronckhorst
Micault Santereau Rutgers Narwille
Sandelin v. Herinthout Merwede Hoogstraet Assendelft
Cuyck Aelbout Cromstrye Bekerke


De voormalige gemeente Serooskerke op Schouwen heeft het geslachtswapen van Van Tuijll van Serooskerken gevoerd, nl. 3 hondekoppen. Dit betekent moed, trouw en waakzaamheid.
Zonder een jaartal toe te voegen heeft Verhulst zijn naam op het hoofdkussen gezet.

De volledige tekst van het in het Latijn geschreven grafschrift luidt als volgt:

Grafschrift van den zeer edelen en zeer geleerden heer Hieronymus van Tuyll van Serooskerken, Heer van Stavenisse, Serooskerke, Oud- en Nieuw Kempenhofstede, Suydtmoer enz., vanwege den stad Tholen afgevaardigde in de vergadering der Staten van Zeeland.
Gestorven te Camp-Vere in het jaar 1669 den 22sten April. In deze marmeren tombe is begraven de grote Hieronymus, de eer van het oude adellijke geslacht van Tuyll, het sieraad van de schone kunsten en het Vaderland.
Nadat hij gestorven is, spaar, bid ik U, Uw tranen en bedwing Uw rouw. Want hij die goed leeft, sterft ook goed!

In de oude kerk (voor 1910) stond er een ijzeren hek voor de tombe, maar dat is bij de bouw van de nieuwe kerk weggehaald.
In de 19e eeuw moet het hele werk in verval geraakt zijn, want ingevolge de wens van Mr. Baron van Tuyll van Serooskerken te Zuijlen, is het monument in 1878 en 1879 onder toe-zicht van de oudheidkundige commissie van het Zeeuwsch Genootschap der Wetenschappen, op zijn kosten gerestaureerd door de beeldhouwer G.J. den Hollander.
Onder de kapel en de preekstoel is een grafkelder, waarvan de ingang zich juist voor de preek-stoel bevindt. Architect Jesse meldt bij de bouw van de nieuwe kerk in 1910, dat er meerdere loden kisten in de kelder staan, maar wie er behalve Hieronymus nog meer begraven ligt, is niet bekend.

J.J. Westdorp -1992

Aan deze pagina wordt nog gewerkt.